RTL Late Night…

Lieve lezers van mijn blogs, vanavond mag ik aan tafel aanschuiven bij Humberto Tan in RTL Late Night om te praten over mijn boek “Mijn eerste lijk is gelukkig vers”!!!

Omdat uitgerekend nu Facebook er uit ligt (ik kom er althans niet op), deel ik dit grote nieuws maar even op deze manier met jullie.

Morgenavond ben ik te zien bij Limburg Vandaag van TV Limburg, om 18.00 uur.

Veel liefs van mij en tot vanavond!

Advertenties

Pizza

Schreef ik de vorige week nog over taart, nu gaat het over pizza.

Eens in de zoveel tijd komen we met alle officieren die daartoe in de gelegenheid zijn na werktijd bij elkaar. Omdat de inwendige mens rond die tijd ook wat wil, wordt er voor iedereen pizza besteld. Zodoende kunnen we dan, onder het genot van pizza margarita, pizza al tonno of pizza quatttro formaggi al die kwesties bespreken waar we overdag door diverse verplichtingen en drukte niet aan toe komen.

De sfeer bij deze pizza-bijeenkomsten is gemoedelijk en gezellig. Het is een goede gelegenheid om ook weer eens collega’s te spreken met wie je niet dagelijks van doen hebt of die je op de een of andere manier telkens misloopt bij de koffiehoek, in het trappenhuis of in de kantine. In die zin dienen deze bijeenkomsten ook een sociaal doel en zorgen ze voor een gevoel van verbondenheid.

De onderwerpen zijn zeer gevarieerd. Het kan gaan over een tendens die we in de strafmaten van de rechtbank menen te bespeuren, de laatste beslissingen van de rechters-commissarissen over het wel of niet in bewaring stellen van onze verdachten of de interessante projecten waarmee sommige collega’s druk bezig zijn in onze mooie provincie.

Er is bewust geen echte agenda, zodat iedereen naar believen onderwerpen kan aansnijden. Evenmin worden er actiepunten geformuleerd. Die zijn bestemd voor onze teamvergaderingen. De pizza-bijeenkomst moet daarentegen vooral een moment zijn om met een voeten-op-tafel-houding frank en vrij te kunnen discussiëren over alles wat ons als juridische professionals zoal bezig houdt.

Terwijl ik voorzichtig een hap neem van een dampend hete pizzapunt, zie ik dat de meeste collega’s zelfs tijdens het eten nog druk op hun gsm’s aan het scrollen zijn. Zo zullen ze het hun kinderen zeker niet geleerd hebben, maar gelukkig zijn die hier niet bij.

Ik hoor menig lezer nu denken dat wij officieren behoorlijk ongezond bezig zijn. De ene keer eten we slagroomtaart, de andere keer duwen we ons vol met een combinatie van deeg, vet en zout.

Gelukkig was er laatst een verstandige collega die een doos met tomaatjes naar de pizza-bijeenkomst had meegenomen en die ruimhartig uitdeelde. Ze waren zo op.

Zo konden we ons collectief schuldgevoel over al die genuttigde calorieën nog een beetje het zwijgen opleggen.

© Pascale Bruinen

Pizza

Deze column is op 11 september 2014 verschenen in het Algemeen Dagblad.

 

 

De Afpaktaart

Als officier eis ik niet alleen werkstraffen, geldboetes of gevangenisstraffen, maar vraag ik de rechter ook geregeld om crimineel geld en goed af te pakken. Dit laatste is gebaseerd op de zogenoemde plukze-wetgeving, een term die niks aan de verbeelding overlaat. Mensen die geld verdiend hebben dankzij het plegen van misdrijven zullen aan den lijve moeten ondervinden dat ze alles tot de laatste cent moeten terugbetalen.

Op zitting heb ik twee verdachten die ieder een hennepplantage hadden. Niet omdat ze de plant van de botanische soort cannabis sativa zo mooi vonden, maar omdat ze er grof geld mee wilden verdienen.

Zodoende schrokken ze er niet voor terug om diverse kamers van hun huurhuis (!) te transformeren tot één grote zooi van houten stellages, vijferfolie, potten, planten, jerrycans met groeimiddelen, koolstoffilters, transformatoren, afzuiginstallaties, warmtelampen en wat al niet meer. Getuige de foto’s hadden zij geen gezellige slaapkamer met leuke kussens op het bed, sfeervolle verlichting en mooi meubilair maar een smerige overvolle ruimte die nog het meest lijkt op een Intratuin from hell. En dan heb ik het nog maar niet over de weeïge stank die er moet hangen waar ik van over mijn nek ga (jullie snappen, ik ben geen wietfan).

Ik slaag er in om in beide zaken samen voor bijna € 103.000,- af te pakken. Met een goed gevoel keer ik terug naar het parket. Onder het mom van “als ik het zelf niet doe, doet niemand het”, besluit ik mijn niet geringe prestatie subtiel per mail onder de aandacht te brengen van mijn leidinggevende en de collega’s van het afpakteam. Niet alleen omdat dit wel mooi staat bij een volgend functioneringsgesprek, maar vooral vanwege de heerlijke afpaktaart die laatstgenoemden bij mooi plukresultaat in het vooruitzicht stellen.

De dag erna ben ik mijn mailtje alweer vergeten als ik zie dat nota bene mijn hoofdofficier aan komt lopen met twee taartdozen. En ik moet zeggen: ik ben aangenaam verrast. In een mum van tijd stroomt iedereen toe want dit is een welkome variant op het van huis meegebrachte broodje kaas. De grote baas houdt een heuse speech en is er zelfs nog een fotomoment.

Nodeloos te zeggen dat de afpaktaart me uitstekend heeft gesmaakt. Al had ik het in de trant van “loon naar werken” ook niet erg gevonden als er een bescheiden percentage van het geplukte bedrag zou zijn bijgeschreven op mijn bankrekening.

© Pascale Bruinen

Afpaaktaart

Bron: http://www.OM.nl

Deze column is op 4 september 2014 in iets andere vorm verschenen in het Algemeen Dagblad.

 

 

Chinees Spreekwoord

Ik ben best een doelgericht type. Zo had ik mij jaren geleden, niet gehinderd door enige gêne of valse bescheidenheid, voorgenomen dat ik in het jaar dat ik vijftig zou worden een heus boek moest hebben geschreven. En laat dat van mij nou op 27 januari 2015 uit komen, nipt voor het begin van mijn eenenvijftigste levensjaar.

Omdat ik als officier publiekelijk onder een vergrootglas lig en bij mijn doelgroep niet bepaald de populariteitsprijs win, heb ik lang getwijfeld over het nastreven van een parallelle schrijfcarrière. Want eigenlijk is het zaak om zo low profile mogelijk te blijven. Uiteindelijk hebben mijn schrijfdrang en bijbehorende wens gelezen te worden het toch gewonnen van mijn angst om anderen deelgenoot te maken van mijn gevoelens en ben ik begonnen met columns schrijven.

En geloof me, mijn diepste zielenroerselen toevertrouwen aan een groot en onbekend publiek voelde voor mij in het begin even eng als, pak hem beet, selfies maken in mijn blote kont en die vervolgens vrolijk posten op Facebook (en nee, aangezien ik niet Heleen van Royen ben, doe ik dit niet echt dus bespaar jullie de moeite om nu snel te gaan kijken).

Sinds ik mijn manuscript bij mijn uitgever heb ingeleverd, begint zich bij mij dus langzaam maar zeker een gezonde spanning op te bouwen. Want ik steek toch op een enorme manier mijn officiersnek uit. Er is immers tot dusverre nog niemand in mijn vakgebied die eerder op zo’n openhartige manier stelling heeft genomen over de meest uiteenlopende onderwerpen die mijn beroep aangaan.

Zo wijd ik een hoofdstuk aan mijn goede en minder goede ervaringen met strafrechters en verwoord ik in een ander hoofdstuk wat ik zoal meemaak met advocaten. Dat varieert van grappige momenten tot situaties waarin ik me groen en geel erger. En ja, nadat mijn boek op de markt is, zal ik ze in de rechtszaal nog tegenkomen.

De rode draad in het boek is de impact die mijn beroep heeft op verdachten, slachtoffers en op mijzelf en mijn gezin. Omdat ik me kwetsbaar opstel, is het een uiterst persoonlijk boek geworden.

Zou het daarom zijn dat ik, naarmate de publicatiedatum dichterbij komt, vaker moet denken aan dat wijze Chinese spreekwoord: “Wees voorzichtig met wat je wenst, want je wens zou nog wel eens uit kunnen komen”?

Over een maand zal ik het weten.

© Pascale Bruinen

Deze column is in iets andere vorm op 28 augustus 2014 verschenen in het Algemeen Dagblad.

Chinees spreekwoord