Glamorous Zwemmen

Er bestaat no such thing als glamorous zwemmen. Sterker nog, het is een ware contradictio in terminis. En geloof me, ik heb het geprobeerd.

Geïnspireerd door al die tijdschriften vol BN-ers die op het strand verpozen terwijl ze er uit zien alsof ze urenlang door Mari van de Ven zijn bewerkt denk ik: dat kan ik ook. Dus trek ik naar het strand met een nieuwe bikini en übercoole glitterkaftan, gecombineerd met kekke zonnehoed en bijpassende peeptoe-sleehakken die mijn fuchsiaroze teennagels showen. Tot zover alles onder controle.

Qua make-up heb ik veiligheidshalve gekozen voor de waterproof variant, beducht als ik ben voor het pandabeer-effect of smokey eyes in de Frankenstein versie. Maar dan begint de ellende.

Scène 1: aangezien ik wel ietsie-pietsie bruiner wil worden maar niet wil verbranden, is het smeren geblazen. En zo’n factor 30 of 50 op je gezicht is niet echt een toonbeeld van matte elegantie. Visualiseer eerder een wit uitgeslagen sardien-in-blik-look.

Scène 2: als het te heet wordt in de zon lonkt het water. Omdat ik met typische vrouwenlogica mijn haren van te voren eerst gewassen én lekker steil gemaakt heb, wil ik niet dat ze nat worden. Natuurlijk gebeurt dat toch. Het (mannelijke) advies om een badmuts op te zetten, hoon ik weg. Gevolg is wel dat ik eerder lijk op een verzopen kat dan op een glamour stoeipoes annex zeemeermin zoals Ursula Andress in betere (James Bond) tijden.

Scène 3: aangekomen op mijn handdoekje leert een snelle blik in mijn handspiegel (met vergroting, zodat ik acuut aan de botox wil) dat er overal zwarte vegen boven en onder mijn ogen zitten. Waterproof? Yeah right!  Omdat de anti-walllen camouflagestift ook al niet tegen water kan, zie ik bovendien uit alsof ik weken niet heb geslapen. En als klap op de vuurpijl is mijn 24 hour stay on lipstick na een half uurtje al nergens meer te bekennen (vraag jij je trouwens ook zo vaak af waar die eigenlijk blíjft?)

Als je dit al erg vindt, is zwemmen in een zwembad nog een graadje erger. Ik ben dan compleet incognito aangezien de altijd charmante zwembril, neusclip en oordoppen mij volledig onherkenbaar maken. Mijn tactiek om niet betrapt te worden op deze  schoonheids-missers? Ik ga gewoon met bril, clip, dop en al onder de douche en de auto in. En dan maar hopen dat ik niet door de politie word gecontroleerd.

© Pascale Bruinen

Oh wat glamourous….Helaas zie ik er dus niet zo uit als ik ga zwemmen. Trouwens, die badmuts komt mij wel enigszins bekend voor. Kijk voor het bijpassende verhaal maar eens   bij Vakantieherinneringen (2)…

‘Mijn eerste lijk is gelukkig vers’

Bij de promotie van mijn eerste boek getiteld ‘Mijn eerste lijk is gelukkig vers’ ben ik her en der nog wat BN’ers tegengekomen. Altijd leuk voor in het digitale plakboek!

15622414_699445880229583_6588680346256422621_n

Filmpje Harper’s Bazaar

December is bij uitstek de maand van het terugblikken. Gisteren heb ik over mijn Harper’s Bazaar avontuur van vorig jaar een column getiteld ‘Kledingstress’ online gezet. Al grasduinend kwam ik vervolgens dit filmpje tegen dat in de zomer van 2015 werd opgenomen ter gelegenheid van mijn nominatie voor de ‘Woman of the Year 2015 Award’ van Harper’s Bazaar. Toen had ik, zoals je kunt lezen in de aankondiging, nog een andere professionele hoedanigheid. Maar de oplettende kijker kan wel al zien dat mijn ogen verdacht gaan sprankelen als Cécile Narinx mij vraagt waarom ik als een van de locaties Kumulus – waar ik mijn schrijfcursussen heb gevolgd – heb gekozen…

http://www.harpersbazaar.nl/women-of-the-year/news/a172/officier-van-justitie-pascale-bruinen/?zoomable

schermafbeelding-2016-12-17-om-09-50-53schermafbeelding-2016-12-17-om-09-50-54 schermafbeelding-2016-12-17-om-09-50-56schermafbeelding-2016-12-17-om-09-39-20schermafbeelding-2016-12-17-om-09-51-00schermafbeelding-2016-12-17-om-09-38-57schermafbeelding-2016-12-17-om-09-44-17

schermafbeelding-2016-12-17-om-09-44-20schermafbeelding-2016-12-17-om-09-42-45schermafbeelding-2016-12-17-om-09-40-55

schermafbeelding-2016-12-17-om-09-42-09

schermafbeelding-2016-12-17-om-09-42-05schermafbeelding-2016-12-17-om-09-44-47schermafbeelding-2016-12-17-om-09-44-48-1

 

Kledingstress

Terugblikken hoort bij deze tijd van het jaar. Mijn gedachten dwalen nu af naar december 2015, naar de uitreiking van de Woman of the Year 2015 Award van Harper’s Bazaar in Amsterdam. Het iconische modetijdschrift had mij eerder dat jaar vanwege mijn bijzondere carrièrepad voor deze eervolle prijs genomineerd. Want een officier van justitie die zich in een openhartig boek zo kwetsbaar durfde op te stellen was binnen de magistratuur nog niet eerder vertoond.

Met tien uitverkoren Women of the week ging Harper’s Bazaar een interview filmen dat vervolgens online zou worden gezet en ik was één van de gelukkigen. Ik liep rond met een glimlach van oor tot oor. Totdat ik hoorde dat niemand minder dan Cécile Narinx, de hoofdredacteur,  het interview zou gaan doen. Het vooruitzicht om pal naast zo’n levende modelegende op film te worden vereeuwigd leverde me een acute aanval van kledingstress op. Want wat moest ik hiervoor in godsnaam aantrekken? In paniek tikte ik op google ‘afbeeldingen Cécile Narinx kleding’ in. En daar was ze, uiteraard in elke foto fantastisch gekleed en gestyled. Ik probeerde zó niet aan de The Devil wears Prada te denken, maar desondanks brak het zweet me bijna uit. Niet omdat Cécile zo’n heks is, allesbehalve, maar ze ziet er altijd zo on-be-ris-pe-lijk uit (dit was overigens nog voordat ze mee zou doen aan Wie is de mol?, het avontuurlijke tv-programma waarbij ze voor heel de natie te zien was terwijl ze in de jungle van de Dominicaanse Republiek rondstruinde met bezweet hoofd in een gekreukte zijden jurk vol transpiratievocht).

Na een aantal vrij dramatisch verlopen passessies (‘Niet goed genoeg voor Cécile!’, ‘Maakt te dik op tv!’, ‘Gevalletje hopeloos!’) besloot ik uiteindelijk voor veilig te gaan en werd het een mooie Michael Kors jurk met zwarte pumps. Op een zonnige dag was het zover en mocht ik – nadat er nog wat aan mijn haar en gezicht was gefrunnikt – plaatsnemen op de achterbank van een fijne Mercedes. De bedoeling was om te filmen op locaties die voor mij belangrijk waren. Dus koos ik de rechtbank als symbool voor mijn juridische loopbaan en het centrum voor amateurkunstbeoefening als zinnebeeld voor mijn schrijfcarrière.

We begonnen bij het gerechtsgebouw. Pal daarvoor ligt een drukke rotonde. De regisseur van de filmcrew gaf mij aanwijzingen die behelsden dat ik ter hoogte van de rechtbank op de stoep moest gaan staan. De Mercedes zou over de rotonde komen aanrijden en zodra deze voor mijn gepoederde neusje zou stoppen, hoefde ik alleen maar in te stappen. Dan zou de bolide wegrijden en voilà, it’s a wrap!

Is het dat?, dacht ik lichtelijk teleurgesteld. Omdat ik toch helemaal opgedoft op dat trottoir stond, had ik wel meer acties willen laten zien, maar nee, dat hoefde helaas niet. Nou, dat leek me appeltje eitje. Vijf takes, nieuwsgierig en soms ook ongelovig gestaar van af en aan lopende advocaten (die mij helaas allemaal herkenden) en een aantal mini-verkeersinfarcten later ontdekte ik dat die opdracht een stuk moeilijker was dan gedacht. De ene keer hield ik mijn hoofd te schuin, de andere keer bleef mijn voet haken achter de rand van de auto en de volgende trok ik de deur niet goed dicht. Met iedere mislukte poging voelde ik mijn pas verworven status als Woman of the Week wat verder ineen schrompelen. Instappen in een auto kan iedereen, maar in een strak jurkje elegant en vloeiend instappen is andere koek. In gedachten nam ik mijn petje af voor die arme Máxima, die in- en uitstappen in de lastigste creaties inmiddels tot kunst heeft verheven. Maar uiteindelijk was de regisseur tevreden en was het shot Harper’s Bazaar proof. Het interview verliep vervolgens, mede dankzij Cécile Narinx’ prettige manier van vragen stellen, in een zeer ontspannen sfeer. Jammer genoeg was het voorbij voordat ik er erg in had.

De Award ging later helaas aan mijn neus voorbij omdat Sophie Hilbrand met die eer ging strijken.

Toch had ik dit geweldige Harper’s Bazaar avontuur nooit willen missen. Zelfs zónder gewonnen prijs was het alle kledingstress dubbel en dwars waard.

© Pascale Bruinen

schermafbeelding-2016-12-17-om-09-44-17schermafbeelding-2016-12-17-om-09-44-20schermafbeelding-2016-12-17-om-09-44-47

img_0972

 

Nieuwe Chapeau Magazine is uit…

Editie 6 van Chapeau Magazine is net uit. Daarin vind je een editorial van mijn hand over de trends op het gebied van wonen, interieurs en design getiteld ‘Duurzaam, duurzaam, duurzaam’ en een stuk over én uit mijn boek Het jaar van de uil. 

schermafbeelding-2016-11-24-om-15-14-57

schermafbeelding-2016-11-24-om-15-15-03

schermafbeelding-2016-11-24-om-15-12-29

Artikel in Chapeau Magazine nr 5 2016 ‘Druk-drukker-het allerdrukst’

In Chapeau Magazine, editie 5 van 2016 (september/oktober), vind je mijn artikel over drie powerkoppels in de serie ‘Portretten’. De interviews waren ontzettend leuk om te doen, maar ja… wat wil je ook met zo’n kanjers? In ons drukke bestaan kunnen we allemaal nog het een en ander van hen leren! En let ook eens op de prachtige fotografie van Hugo Thomassen, die drie juweeltjes van beelden erbij heeft gemaakt. Veel leesplezier!

schermafbeelding-2016-09-14-om-18-57-14-3schermafbeelding-2016-09-14-om-18-57-20-2schermafbeelding-2016-10-23-om-14-51-03schermafbeelding-2016-10-23-om-14-51-19schermafbeelding-2016-10-23-om-14-51-27schermafbeelding-2016-10-23-om-14-51-34

 

Modepolitie

Als officier van justitie hoefde ik me zelden te bekreunen over wat ik nu weer eens aan moest trekken. Want als de zittingzaal riep, was ik het overgrote deel van de dag onder de pannen in mijn vrijwel alles verhullende toga.

Voordeel: ik had niet veel werkkleding nodig. Hoewel dit bij nader inzien meer een nadeel was, want zo had ik ook geen excuus om vaker te gaan shoppen. Nog een pré: eventuele post-vakantiekilootjes vielen niemand op in mijn oversized toga maatje XXXL. Voorwaar géén little black dress. Als ik ook nog verplicht getooid met een pruik naar zitting had gemoeten, zou ik zelfs geen last meer hebben gehad van een bad hair day. Ideaal toch?

Maar nee, hier in Nederland moeten officieren met hun eigen haar naar zitting. En die zwarte toga was en is, nou ja, heel erg zwart. Vooruit, de witte bef doorbreekt het nog een klein beetje, maar voor de rest… Het is al met al een wonder dat officieren – zelf nota bene hoeders van de wet – nog niet massaal zijn opgepakt door de modepolitie.

Daarom is het de hoogste tijd dat dit kledingstuk ein-de-lijk eens wordt gepimpt. Ik roep alle fashiondesigners daarom hierbij op hun tanden eens te zetten in Project Courtroom. Eens zien wat dat gaat opleveren. Al zal er eerst een heuse wetswijziging nodig zijn omdat zelfs de eisen waaraan een toga moet voldoen wettelijk zijn vastgelegd.

Misschien wordt het wel een toga in ingetogen beige voor een zedenzaak, een veelkleurige toga met speciaal draaideur-effect voor veelplegers en een witte toga met in het midden een uit de kluiten gewassen lieveheersbeestje voor geweldzaken. Ik zie het meteen voor me.

En natuurlijk kunnen aanklagers niet zonder een his and hers-versie voor formele gelegenheden, bijvoorbeeld bij de officiële installatie van een nieuw lid van de rechterlijke macht. Voor de dames zachtroze, uiteraard afgewerkt met de nodige glitters. Voor de heren nachtblauw, voorzien van een satijnen bies. Vanzelfsprekend afgemaakt met een customized bef voor iedereen.

Zeker weten dat het Openbaar Ministerie voortaan de blits zal maken in elke zittingzaal.

Aldus zou ik requireren tot spoedige aanbesteding van dit project.

© Pascale Bruinen

Deze column is eerder verschenen in het Algemeen Dagblad.

IMG_1068